
Het veulen wordt geboren zonder significante hoeveelheden immunoglobulinen door de epitheliochoriale placenta van het paard. Hierdoor is het volledig afhankelijk van opname van maternale IgG via colostrum in de eerste levensuren. De darm is slechts tijdelijk permeabel voor intacte immunoglobulinen, met maximale absorptie in de eerste 2 tot 6 uur en vrijwel volledige sluiting na 24 uur. Het aangeboren immuunsysteem is aanwezig maar functioneel beperkt door lage complementactiviteit en onvoldoende opsonisatiecapaciteit. Neutrofielen zijn aanwezig en functioneel, maar werken inefficiënt zonder IgG- en complementgemedieerde tagging van pathogenen. Het adaptieve immuunsysteem is anatomisch aanwezig maar immunologisch naïef en heeft tijd nodig om effectief te worden. Failure of passive transfer (FPT) ontstaat wanneer onvoldoende IgG wordt opgenomen en verhoogt sterk het risico op sepsis en andere neonatale infecties. Serum IgG is de standaardmaat voor passieve transfer, maar correleert niet perfect met functionele immuniteit. Sepsis bij veulens kan subtiel verlopen zonder duidelijke vroege klinische symptomen. Diagnostiek vereist laboratoriumbepaling van IgG. Behandeling hangt af van leeftijd en omvat orale colostrumtoediening in de eerste 24 uur of intraveneuze plasmatherapie nadien. Plasma levert niet alleen IgG maar ook complement en andere immuuncomponenten die essentieel zijn voor opsonisatie. Het eerste levensmaandenschema wordt gekenmerkt door een immunologisch “gat” tussen afnemende maternale en nog onvoldoende endogene immuniteit. Goede colostrumkwaliteit en tijdige opname zijn de belangrijkste preventieve factoren tegen FPT. Klinische beoordeling alleen is onvoldoende om immunologische status of sepsisrisico betrouwbaar in te schatten.
Online vanaf 30 april, 2026
luister nu